Module Brug7 HAVO opdracht 2.2 na vraag g
Vergelijk de kleur van de
kopersulfaatoplossing in je eigen opstelling
met de kleur van de kopersulfaatoplossing in de al langer
kortgesloten opstelling.
d. Welke conclusie trek je uit
deze kleurvergelijking?
Bekijk het koolstofstaafje in je
eigen opstelling en ook het koolstofstaafje in de al langer kortgesloten
opstelling.
e. Welke stof is er op het koolstofstaafje
ontstaan?
f. Leg uit dat de antwoorden van d en e beschreven worden met de vergelijking Cu2+ à Cu
In
het bekerglaasje met de keukenzoutoplossing
is ionstof zink ontstaan.
g. Met welke
indicator kun je dat laten zien? (Je hoeft dat niet te
doen.)
Vanwege elementbehoud kun je nu concluderen
dat er stof
zink verdwenen moet zijn. De reactie
in het bekerglaasje met keukenzoutoplossing
kan dus beschreven worden met de vergelijking
Zn à Zn2+
Overleg met je begeleider over je antwoorden op d, e en f en lever de opstellingen
in.