Commentaar bij pilot-vwo-examen scheikunde 2015 tweede tijdvak

Bij vraag 1

In de syllabus voor het examen 2016 stond bij “halfreacties” nog niet de voetnoot die er in de syllabus voor 2017 wel bij staat.

2016

14. De kandidaat kan in de context van batterijen / brandstofcellen vergelijkingen van halfreacties opstellen als het redoxkoppel gegeven is.

15. De kandidaat kan een reactievergelijking van een redoxreactie geven met behulp van gegeven halfreacties.

 

2017

14. De kandidaat kan in de context van batterijen / brandstofcellen vergelijkingen van halfreacties opstellen als het redoxkoppel gegeven is.

15. De kandidaat kan een reactievergelijking van een redoxreactie geven met behulp van gegeven6 halfreacties.

 

6 De betreffende halfreacties worden gegeven in de opgave of er wordt verwezen naar (een tabel in) BiNaS.

Hoeven met ingang van het examen in 2017 dus geen halfreacties meer opgesteld te kunnen worden zoals in deze opgave?
Want hier niet in de context van batterijen/brandstofcellen.
Is hier wel sprake van een gegeven redoxkoppel?
En hoe zit dat in 2016?

 

Onder vraag 2

Wat betekent “ondergaan van een reactie”? Is dat een vakterm?

 

Boven vraag 6

Onzorgvuldig taalgebruik wat betreft micro/macro: “groter koolhydraat”?
Suggestie: “… tot ribose, dat is een koolhydraat dat (op microniveau) kan voorgesteld worden met grotere moleculen.”

 

Bij (correctiemodel van) vraag 7

Is de additie van de OH-groep van een hydroxyethanalmolecuul aan de C=O binding van een methanalmolecuul ook een mogelijkheid die tot een vierde reactieproduct leidt?

 

Onder vraag 7

De bijzin “zoals water en methanol” lijkt te slaan op de kleine molecule die ervoor staan. Beter wat betreft taalgebruik rond micro/macro zou bijvoorbeeld zijn:
“… stoffen zoals water en methanol, die worden voorgesteld met kleine moleculen, …”

Onzorgvuldig taalgebruik wat betreft micro/macro:
“… de stof werd bestraald met protonen.”
Suggestie: "… de stof werd bestraald met straling die (op microniveau) kan worden voorgesteld met protonen.”

 

Onder tabel 1

Taaltechnisch ziet “CO respectievelijk CO2 moleculen” er niet goed uit: als moleculen al slaat op CO2 dan toch zeker niet op CO.
Zou voortaan in dit soort gevallen bijvoorbeeld “CO- respectievelijk CO2-moleculen” niet beter zijn?

 

Onder en boven vraag 18

Onzorgvuldig taalgebruik wat betreft micro/macro:

Boven vraag 18 is alles macro geformuleerd behalve het laatste stukje. Dat had best “lithium en natrium” kunnen zijn. De vraag met [Li+] en [Na+] kan dan nog steeds beantwoord worden.

Onder vraag 18 is bijvoorbeeld sprake van het verwijderen van magnesiumionen en van calciumionen en het toevoegen van vast lithiumcarbonaat.

 

Boven vraag 20

Onzorgvuldig taalgebruik wat betreft micro/macro.
Suggestie: “… in het ionrooster waarmee spodumeen kan worden voorgesteld …” of “… in het ionrooster van spodumeen …”

 

Onder vraag 20
Wat is het verschil tussen vermalen en verpulveren? Is verpulveren een vakterm die gekend moet worden?
Suggestie: “Door het verhitten wordt het spodumeen nog fijner verdeeld.”

 

(In) vraag 22

De ionen  worden niet in het blokschema verwijderd maar uit de oplossing.

 

Bij vraag 26
Een verklaring als “Kleinere/lichtere moleculen, dus lager kookpunt” is een voldoende verklaring op microniveau maar zou volgens het correctiemodel slechts 2 van de 3 punten opleveren.

 

Ton van Berkel
16 september 2015

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Boven vraag 12

Termen op macro- en microniveau worden door elkaar gebruikt: “… een poreus materiaal ontwikkeld, waarin de moleculen van een stof kunnen worden ‘opgesloten’.”
Dat er een probleem is blijkt ook al uit het feit dat ‘opgesloten’ tussen ‘verlegenheidstekens’ is geplaatst.

Boven vraag 22 is het taalgebruik wel correct: “Door een overmaat aan water bevat beton ook met water gevulde poriën.”

 

Onder vraag 13

Ook hier onzorgvuldig taalgebruik: termen zoals porie/poreus, holte en materiaal zijn op macroniveau; (NH2- en hemiaminal)groep is een microniveau-aanduiding.

 

Onder vraag 17

“Door de aanwezigheid van glycerol tussen de polymeerketens is TPS beter te vervormen …” zou in ieder geval moeten zijn “Door de aanwezigheid van glycerolmoleculen tussen de polymeerketens is TPS beter te vervormen …”. Beter nog zou zijn een formulering zoals:
“Dat TPS beter te vervormen is dan zetmeel kan (op microniveau) verklaard worden met aanwezigheid van glycerolmoleculen tussen de polymeerketens.”

 

Bij de vragen 22 en 23

Heterogene evenwichten worden bekend verondersteld (C7.2) en ook moet bij een gegeven evenwichtsreactie de evenwichtsvoorwaarde gegeven kunnen worden (C7.4).
Maar de term Ks wordt niet bekend verondersteld (zie C7.4 derde bolletje); de minimale toelichting in vraag 23 is niet voldoende.
En er hoeft al helemaal niet mee gerekend te kunnen worden: zie B5.8.
In de pilot is juist ruimte voor andere onderwerpen/contexten gecreëerd door o.a. (dit soort) (oplosbaarheidproduct)berekeningen te schrappen.

 

Bij de vragen 25 en 26

Boven vraag 25 en ook nog boven figuur 1 staat dat 1 en 2 de plaatsen zijn waar de halfreacties van de elektrochemische cel verlopen.
Bij 1 verloopt weliswaar wel de halfreactie van O2 maar daar is dat niet de halfreactie in/van de elektrochemische cel (wel van de rechtstreekse reactie met Fe). Anders dan in het antwoordmodel staat is bij plaats 1 het vermelden van alleen de halfreactie van Fe voldoende.

 

Onder vraag 27

Een zorgvuldigere formulering wat betreft macro/micro zou bijvoorbeeld kunnen zijn: Tevens worden er moleculen van een stof Y gevormd.

 

Vraag 28

Uit het voorbeeldantwoord in het correctiemodel lijkt het alsof het wezenlijk is dat het een netwerkpolymeer betreft. Maar bijvoorbeeld aan (polystyreen)piepschuim kun je zien dat het bij schuim gaat om gas(belletjes) in holtes (dat zijn allemaal termen op macroniveau).
Dat er bij een netwerkpolymeer op microniveau ook “holtes” getekend (kunnen) worden heeft hier niets mee te maken.