Commentaar bij vwo-examen scheikunde 2018 1e
tijdvak
Slordig taalgebruik wat betreft micro-macro.
Zo staat boven de tabel boven vraag 13: “In
de tabel staan de structuurformules van de deeltjes zoals die een oplossing in
water voorkomen.” Hoe die deeltjes er ook uitzien, het is wel bijna
zeker dat ze er niet zo uitzien zoals in de tabel is weergegeven.
Hier hadden ‘ionstoffen’ goed dienst kunnen doen: “In de tabel staan de
structuurformules van de (ion)stoffen die ontstaan als de betreffende stof in
water wordt opgelost.” (zie artikel “Macro-micro in examens” in NVOX van
oktober 2017).
De structuurformules in de tabel, die net als molecuulformules, ook op
macroniveau geïnterpreteerd kunnen worden, passen daar dan goed bij.
Ook boven vraag 25 gaat het mis: macro en micro door elkaar.
“Uit onderzoek is gebleken
dat onder bepaalde omstandigheden een neerslag van de vaste stof V2O5.3H2O
ontstaat in de linker opslagtank. Deze stof wordt gevormd uit VO2+
ionen en één andere stof. Bij deze reactie ontstaat één ander soort deeltje.”
Door deze formulering zou je kunnen denken dat er maar één stof ontstaat bij de
reactie.
Er ontstaan behalve H+-ionen ook V5+-ionen. De mededeling
dat er één ander deeltje ontstaat is
dus onjuist.
Ook hier zou je met ‘ionstof’ de formulering correct hebben kunnen maken: “Uit
onderzoek is gebleken dat onder bepaalde omstandigheden een neerslag van de
vaste stof V2O5.3H2O ontstaat in de linker
opslagtank. Deze stof wordt gevormd uit VO2+ en één
andere stof. Bij deze reactie ontstaat, behalve de vaste stof, één andere soort
ionstof.”